NOEL GALLAGHER SOLIDE EN DOELTREFFEND IN DE HMH

De legende van de Les Paul. Voormalig The Smiths-gitarist Johnny Marr leende in de vroege jaren negentig zijn gitaar (die hij op zijn beurt van Pete Townsend van The Who kreeg) uit aan de gitarist van een opkomend bandje uit Manchester. And the rest, as they say, is history. Een haast mythische overdracht volgens romantici, slechts een vermakelijke anekdote volgens Marr zelf. Hoe dan ook, hij drukte hiermee zijn stempel op de grootste Britse band van de jaren negentig. Zeker volgens Noel Gallagher zelf, die zijn carrière in grote mate heeft gebaseerd op die van Marr. Na het zien van Marr en zijn rode semi-akoestische gitaar was het hart van de jonge Brit onlosmakelijk verpand aan rock ‘n roll. En vanavond, een kwart eeuw en twee post-Oasis albums later, treedt hij in een volle Heineken Music Hall aan met zijn eigen rode, semi-akoestische Gibson. Alsof er nog niet genoeg nostalgie in de lucht hangt.

Noel Gallagher 2 - Arend Jan Hermsen

Vanaf de tribune is het kale kruinen tellen. Zijn fanbase is net als hij zelf een dagje ouder. En dat uit zich voornamelijk in de nuchtere, verre van extatische respons, die minder gelouterde frontmannen op een bepaald punt in de show in een lichte staat van paniek zou kunnen brengen. Het volwassen publiek is niet van het uitzinnige soort, maar kijkt en luistert aandachtig. De beleefde applausjes voor de eerste vier nummers zijn dan ook niet te interpreteren als een gebrek aan interesse. Integendeel, alle ogen zijn gericht op de bühne. Lock All The Doors, Ballad Of The Mighty I, You Know We Can’t Go Back en The Mexican van de nieuwe plaat Chasing Yesterday (2015) zijn stuk voor stuk herkenbare, robuuste songs. Toch is het geen verrassing dat de zaal smacht naar een Oasis-injectie.

En die komt vroeg in de show. Gallagher kiest na het sterke Riverman verrassend voor het Oasis-b-kantje Talk Tonight. Een dappere keuze, want het kleine liedje is niet de verwachte meebruller waar menigeen op gehoopt zal hebben. Zij die daar wel behoefte aan hebben worden even later op hun wenken bediend met Champagne Supernova. Bijna de helft van de complete set bestaat vanavond uit Oasis-materiaal. Sad Song, D’Yer Wanna Be A Spaceman?, Half The World Away, Listen Up, Digsy’s Dinner en The Masterplan zijn voorzien van een frisse compositie, waarin de blazerssectie een prettige aanvulling is.

Er zit een stadion-strijdlied verborgen zit in alle refreinen van Noel Gallagher. Toch, we zitten zeker niet de hele avond op het puntje van onze stoel. De nadruk ligt dan ook niet zozeer op het nieuwe werk, noch op een greatest hits-spektakel. Voor Gallagher is vanavond another day at the office, een ingeslepen routine, solide en doeltreffend. Pas na het haast verplichte Wonderwall, AKA… What A Life! (misschien wel het beste nummer uit zijn solo-repertoire), en natuurlijk het hoogtepunt van zijn oeuvre, Don’t Look Back In Anger, lopen zesduizend tevreden bezoekers toch nog zingend de HMH uit.

Foto’s: Arend Jan Hermsen

Noel Gallagher’s High Flying Birds

  • Categories →
  • Concertrecensies
 

Opdrachtgevers

client logos
 
Back to top